De Wachter van Gerhard Reisch, Schilderij EW 23 uit Een Weg tot Inzicht door middel van Beelden

Over het ontstaan van de schilderijen.

Deze schilderijen kunnen een hulp zijn op de weg naar het imaginatieve denken. Omdat ze voortkomen uit het gebied van de etherische vormkrachten wekken ze imaginaties in het innerlijk van degene die ze ziet. Uit een opeenvolging van schilderijen kan de realiteit zichtbaar worden van een weg, zoals door Rudolf Steiner als mogelijkheid beschreven is in zijn boek "De Weg tot Inzicht in hogere Werelden".

In het begin leeft de kunstenaar in een van nature gegeven onbewuste verhouding tot de vormkrachten, die in hem op dezelfde wijze werken, zoals ze in planten en stenen scheppen. Als de kunstenaar zich gaat bezighouden met geesteswetenschap verdwijnen deze natuurlijke vermogens. Wat zijn kunstzinnige vermogens betreft ervaart hij een soort doodsproces.

Als de kunstenaar zijn natuur- en geesteswetenschappelijke ontwikkeling voortzet en gewetensvol zijn meditatie verzorgt, zodat zijn interesse met betrekking tot de geestelijke wereld minstens zo groot wordt als zijn belangstelling voor de aardse wereld, dan mag hij hopen dat hij een nieuwe, bewuste verhouding tot de wereld van de vormkrachten krijgt geschonken.
Het innerlijke oog licht op en hij neem zijn eigen ziel waar tijdens de imaginatie. Hij leert de woorden van Goethe begrijpen: "al het vergankelijke is slechts gelijkenis".

In ieder mens vormt de ziel imaginaties, maar ze worden verduisterd door het dagbewustzijn. Pas als dit volledig tot zwijgen wordt gebracht tijdens de meditatie, kunnen deze beeldvormen oplichten in de etherwereld. In de overgang van intellectueel dagbewustzijn naar imaginatie kan de ziel gebruik maken van fantasie. De fantasiebeelden zullen geleidelijk overgaan in echte imaginaties.

De imaginaties simpelweg schilderen zoals je een stuk natuur naschildert zou niet kunstzinnig zijn. Daarom is het volgende van belang. Aan de ene kant heb je de resultaten van het bezig zijn met de kleur, de openbaring van het wezen van rood of blauw enz.. Aan de andere kant laat je ze niet tot een zichtbare imaginatie komen, maar vangt ze in het geboorteproces op en leidt de vormkrachten binnen in de omgang met de kleuren. In het midden ontstaat het beeld.

Ik moet dus een inhoud in mijn bewustzijn vasthouden, voordat ik ga schilderen. Als ik dat niet heb, bestaat het gevaar, dat ik in mediamiek schilderen terechtkom. Het gaat erom de beeldscheppende processen uit de diepte van de ziel op te heffen in het bewustzijn en deze in de zintuiglijke wereld zichtbaar te maken, bijvoorbeeld in dit geval door middel van kleur en vorm. Die beeldvormende processen zijn een uiting van wat de ziel in de geestelijke wereld beleeft.

Vertaling van originele tekst van Gerhard Reisch

 

Schilderijen Woord Thema's Toepassing Toegang